Planning FUR in het onderwijs

Een meterslang tijdschema voor de jaren 2018, 2019 en 2020 vormde het centrale document waar 8 februari 2018 aan werd gewerkt door de voltallige kenniskring van het netwerklectoraat Future Urban Regions (FUR) en een vertegenwoordiging van de zes Academies van Bouwkunst.

De kern van FUR is om actuele ontwerpvraagstukken in de stedelijke regio’s te onderzoeken en mogelijke strategieën te ontwikkelen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de masteropleidingen van de zes Academies van Bouwkunst. Samen met ‘derden’, betrokken partijen of coalities van betrokken partijen, worden vraagstellingen in het ontwerponderwijs van de masteropleidingen aan de orde gesteld. Met de resultaten uit het onderwijs wordt door de kenniskring verder gewerkt; ofwel wordt een vervolgvraagstelling voor een nieuw onderwijsproject ontwikkeld, ofwel worden de resultaten verwerkt in een bredere studie waar meer praktijkresultaten – ook internationaal – met elkaar worden verbonden.

De planningsbijeenkomst had als doel om voor de komende jaren de inzet van FUR in de onderwijsprogramma’s van de masteropleidingen te bespreken.

De bijeenkomst was een groot succes omdat gedurende het gesprek duidelijk werd dat de wederzijdse vragen goed in elkaar grepen en de meerwaarde van een gemeenschappelijk onderzoeksprogramma als FUR overduidelijk zichtbaar werd. De komende jaren zullen daarom ook bijeenkomsten met meerdere of alle opleidingen worden georganiseerd om resultaten te delen en de ontwikkelde werkwijze nog verder uit te diepen.
Voor de masteropleiding Architectuur van ArtEZ Academie van Bouwkunst betekent dit – naast mogelijke nieuwe activiteiten – dat het Onderzoeksprogramma in het 3e jaar ook de komende jaren in overleg met FUR zal worden ingevuld.

Netwerklectoraat FUTURE URBAN REGIONS 2017-2020

Op 3 oktober 2017 presenteerde lector Eric Frijters de eindpublicatie van de eerste vier jaar van het netwerklectoraat Future Urban Regions. “Stedelijke vraagstukken, veerkrachtige oplossingen” heet de publicatie, die naast theoretische essays ook de projecten bevat die binnen de onderwijsprogramma’s van de zes Academies van Bouwkunst hebben gedraaid. In aanvulling op de onderwijsprojecten zijn ook veel case-studies opgenomen van ander steden in binnen- en buitenland. De publicatie laat aan de hand van de ontwerpstudies en concrete voorbeelden uit de praktijk zien hoe de stand van zaken is rond het centrale onderzoeksthema van de gezonde verstedelijking.

In de publicatie zijn ook veel studies opgenomen die door de 3e jaars studenten van de masteropleiding Architectuur zijn gedaan. Deze studies zijn ook door ArtEZ Academie van Bouwkunst gedocumenteerd. De laatste jaren is telkens een ‘magazine’ gemaakt.

Ook zijn er video’s waarin de bestudeerde onderwerpen door scenario’s werden verbeeld. Hier is een voorbeeld:

De publicatie “Stedelijke vraagstukken, veerkrachtige oplossingen” was, zoals gezegd, de afronding van de eerste vier jaar van het netwerklectoraat; de periode 2013 – 2016. Inmiddels draait de tweede rond al; van 2017 – 2020. Ook in de tweede ronde maakt het netwerklectoraat FUR deel uit van de ARO, de Actieagenda Ruimtelijk Ontwerp. De ARO wordt door meerdere Ministeries ondersteund en heeft als doel om de ontwerpkracht voor nieuwe ruimtelijke opgaven en innovatieve ontwerpoplossingen te stimuleren. De subsidie vanuit de ARO maakt het mogelijk dat FUR het onderzoek kan doen zonder de onderwijsbegroting van de deelnemende opleidingen te belasten.

Voor de periode 2017 -2020 heeft FUR een nieuwe werkwijze ontwikkeld. De nieuwe opzet is terug te vinden in de indeling van de publicatie. Centraal staan 3 vragen: wat, hoe en wie. Bij ‘wat’ gaat het er om de vraag te stellen naar wat gezonde verstedelijking is. Welke onderdelen maken er deel van uit? Welke onderwerpen kunnen in het onderwijs bestudeerd en onderzocht worden? Bij ‘hoe’ gaat het om de werkwijze en methodiek. Dit onderdeel zal de benaderingswijze van het netwerklectoraat verder uitdiepen en verfijnen. De derde vraag, ‘wie’, gaat over de partijen die betrokken zijn (of zouden moeten zijn) om de gezonde verstedelijking te realiseren.
Het lopende onderzoeksproject in ons onderwijs, dat nu door het 3e jaar wordt uitgediept in een kort atelier, hoort bij de laatste categorie, maar het toont ook de verwevenheid met de vragen ‘wat’ en ‘hoe’.

Eric Frijters wordt als lector ondersteund door 6 onderzoekers en een ‘projectmanager’ die zorgt dat alles soepel loopt. In de praktijk zullen de onderzoekers veel samenwerken, niet alleen met elkaar, maar ook met de masteropleidingen van de Academies van Bouwkunst. Vanuit het perspectief van de opleiding levert het netwerklectoraat een waardevolle bijdrage aan het programma: er worden actuele en complexe onderwerpen aan de orde gesteld, er wordt door de studenten geoefend met onderzoeksvaardigheden en de studenten krijgen zicht op nieuwe beroepsrollen die zich in het werkveld aan het ontwikkelen zijn.