Société des Architectes Décédé: Claude Parent (1923-2016)

De Franse architect Claude Parent is op 27 februari 2016 overleden (een jaar gelden) en dat was 50 jaar nadat twee bijzondere producten het daglicht zagen waarvan hij mede-auteur was.
Het eerste product was een kerk, de Ste Bernadette de Banlay te Nevers, Frankrijk, waarin de opvattingen van het tweede product, het tijdschrift “Architecture Principe” werden toegepast, c.q. uitgeprobeerd.

In “Architecture Principe” schreven Claude Parent en zijn compaan Paul Virillio over ‘la fonction oblique’ (letterlijk vertaald als ‘de schuine functie’). Uit tekeningen en schetsen van ‘la fonction oblique’ blijkt dat Parent en Virillio daadwerkelijk voor ogen hadden de horizontalen en verticalen die in onze architectuur zo vertrouwd zijn, te vervangen door schuine vloeren en wanden. In de Ste Bernadette in Nevers hebben ze die schuine vloeren ook toegepast. Zoals hun eigen tijdschrift “Architecture Principe” gelezen kan worden als een manifest voor een andere architectuur, zo is de kerk een betonnen manifest voor de ruimtelijke werking van ‘la fonction oblique’.

Het is opvallend dat aan het overlijden van Parent in Nederand amper aandacht is besteed. Kennelijk was hij hier alleen bekend bij een kleine kring liefhebbers. In buitenlandse tijdschriften zijn fraaie levensschetsen van Parent verschenen, waarbij onvermijdelijk de anekdotes over zijn voorliefde voor mooie auto’s en kleding werden aangehaald.

Parent was echter vooral een dwarse denker die kritisch keek naar de rationalisaties in het modernisme. Toen hij samen met Paul Virillio de opvattingen rond ‘la fonction oblique’ ontwikkelde, was dat vooral om de ingesleten vanzelfsprekendheden aan de kaak te stellen, instabiliteit te veroorzaken, andere evenwichten op te zoeken en nieuwe ontmoetingen te forceren. De bijzondere werking van de schuine ruimte waren Virillio en Parent op het spoor gekomen door het eerdere onderzoek van Virillio naar de overgebleven bunkers van de Atlantikwall, die de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog langs de Europese kust hadden gebouwd (zie de publicatie van Paul Virillio, “Bunker Archeology”). Sommige bunkers waren in de loop der jaren door weggespoeld zand gekanteld en in deze scheef staande bunkers was het plotseling heel lastig om je staande te houden en je goed te oriënteren.

De kerk in Nevers is niet zo scheef dat de oriëntatie verdwijnt, integendeel, de schuine vloeren lijken het liturgisch centrum van de kerk alleen maar te benadrukken.
In het massieve, betonnen beeld van de buitenzijde van de kerk lijken de scheve bunkers ook door te klinken.

In 1966, een sleuteljaar in de architectuurgeschiedenis van de 20e eeuw, plaatste Parent zich samen met Virillio nadrukkelijk op het podium van het architectonisch denken door hun kritische beschouwing van de modernistische architectuur. In de loop der jaren kwam Parent misschien meer in de coulissen terecht, maar dat maakt zijn experimenten in het denken over architectuur niet minder waardevol.